De Eersteling van vandaag is een ondode, niet dood en niet levend. Ik bezoek ZOMBIE van Werkplaats van de Woestijne met de verwachting rillingen over mijn lijf te krijgen, in plaats daarvan kreeg ik een brok in mijn keel door een angst die altijd al heel dicht bij me lag.
Na een avond dansen in de Zandzeebar word ik deze ochtend wakker met spierpijn. Ik voel een vage pijn bij mijn linker borst, dat is de plek waar mijn ICD (een apparaatje dat ingrijpt als mijn hart het begeeft) verborgen zit. Veilig en netjes onder mijn huid, op mijn ribben, nu al ongeveer drie jaar, vanwege mijn genetisch defect in mijn hart. Je zou kunnen zeggen dat zonder mijn ICD, de dood een stukje dichterbij is.
Ik ben niet de enige in mijn familie met dit gen. Als ik samen met mijn broers voor de grap weleens ‘voor dood ging liggen’, was dat de enige keer dat mijn moeder in staat was om ons een schop te geven.
Voor dood liggen, dat is wat de Terschellinger zombie doet als de bezoekers van ZOMBIE de zaal betreden. Ik ga als Dagkrant-fotograaf mee voor mijn serie ‘Eerstelingen’, waarbij ik eerstelingen op Oerol vastleg. De eerste zombie op Terschelling (ga ik maar even vanuit); die moet ik zien.

Ik vind het vanaf minuut één al eng. Langzaam komt de zombie tot leven, loopt rond in de zaal, kijkt mensen aan, kwijl komt uit zijn mond. Dan stikt hij, langzaam, met alle geluiden die daar bij komen kijken. Mijn angst slaat toe, ik kan dit niet. Het is te dichtbij, ik heb altijd gedacht dat ik niet zo iemand ben. Ik ben niet zo iemand die bang is voor de dood, bang voor het onbekende. Eerder ben ik bang voor het moment van doodgaan, de overgang van leven naar dood. Ik durf hem niet aan te kijken en begin na te denken over mijn vluchtroute: langs de rechterkant, achter het gordijn kruipen en dan is daar vast wel een deur die me terugbrengt naar de normale wereld. Dan gaat de zombie een nieuwe fase in: hij sterft opnieuw en hoor ik door mijn koptelefoon een vrouwenstem die zegt:
I need you to tell me,
that I’m already a part of you,
that I’m in your chest,
inside that beating heart,
that i’m always there,
De voorstelling raakt me. Het doet me denken aan de uitspraak van mijn psycholoog, dat je je kleine ‘ik’ op schoot moet nemen en daar lief voor mag zijn. Daar zit ik dan, met een denkbeeldige baby op mijn schoot, naar een stervende zombie te kijken in het net te troosteloze Café De Stoep. Mijn hart kan het aan, maar wel mét tranen in mijn ogen.
ZOMBIE van Werkplaats van de Woestijne kan je alleen nog vandaag (dinsdag 11 juni) meemaken in Midsland en de Deining. Meer informatie over de voorstelling lees je hier.



