In Weg van dit Feestje zoekt Gerson Main zingend naar de betekenis van ouder worden. In Glorious Bodies doorbreken zes acrobaten tussen de 55 en 68 clichés over het lichaam op leeftijd. Zelf word ik dit jaar waarschijnlijk 30. Reden genoeg om deze inspirerende voorstellingen met elkaar in gesprek te laten gaan, en met iedereen te delen wat ik daaruit leerde over ouder (en wijzer) worden op Oerol.
Aan het begin van Glorious Bodies van Circumstances / Piet van Dycke ben ik te lang aan het kloten met het uitdoen van mijn jas. De lichten zijn al gedempt, alle zintuiglijke vermogens zijn geconcentreerd op het podium, en ik vrees de collectieve focus te verstoren met mijn bewegingsgeluiden. Hoe gaat dit ooit goed komen? En komt het wel op tijd goed, want weldra beginnen ze en zit ik nog steeds niet klaar. Als puber vroeg ik altijd aan God of ik later een wijze en vredige volwassene mocht zijn. Dít is zeker niet wat ik bedoelde. Opeens voel ik mijn jas en mijn zorgen van me afglijden, door een kracht van boven. De toeschouwer achter mij trekt zorgzaam mijn jas van me af. Als ik eindelijk zit en naar Glorious Bodies kijk, schieten ook steeds liedteksten van Gerson Main te binnen.
“Het komt allemaal altijd goed.” – Gerson Main
Radslagen en pirouettes. Zwierende koprollen en schuifelend geknuffel. Een eenarmige handstand op een hoofd. Deze partneracrobatiek is van een woordeloze pracht. Maar waarom voel ik de drang om dat te compenseren met heel veel woorden? Het is een dwaling van de jeugd om de leegtes waar we in mogen tuimelen aan te zien voor gaten die we moeten vullen. Zoals de leeftijd vanzelf vordert, zo bewegen deze silhouetten voort zonder dat er keuzes door mij gemaakt hoeven te worden.
“De keuzes die je niet maakt, maken zichzelf wel.” – Gerson Main
De acrobaten tonen zich groots in kracht, en nog grootser in kwetsbaarheid. Ze staan hun lichamen toe te trillen en staan klaar om elkaar te vangen nog voordat de dreiging van een val zich aandient.
“Je blijft maar groeien, je blijft maar groeien. Shit, op een dag is het oneindig.” – Gerson Main
Ze stappen van elkaars schouders af als de gedeelde last te zwaar wordt. Toch vraag ik me af: zou het niet nog grootser overkomen als ik niet zag dat ze rekening hielden met ongelukken? Nee, juist de wijze, onverholen ervaring maakt dat de acrobaten een menselijke trap kunnen bouwen en beklimmen, alsof het leven zelf geen plafond heeft. Zo vormen de glorieuze lichamen een piramide van drie mensen hoog, die als een toren van Babel tot aan de top van het decor reikt.
“Misschien zit God wel met een enorm schuldgevoel, dat hij dit allemaal begonnen is.” – Gerson Main
Ik geniet van de voorstelling, van de spelers die zich van grote hoogtes in elkaars armen durven te laten vallen, en ik probeer niet te denken: wat knap voor hun leeftijd! Dit stuntwerk is knap in het algemeen. Zoals het knap is om welke leeftijd dan ook te bereiken op deze wereld, die sinds onze verbanning uit het Paradijs bezaaid is met de dood. Deze acrobaten lijken niet zozeer de sterfelijkheid niet te vrezen, maar durven die even te vergeten, terwijl ze capriolen uithalen die bij mij spanning genoeg opwekken om jaren van mijn levensverwachting af te snoepen. En ik hoop dat God dit zonder schuldgevoel nog heel lang laat doorgaan.



