Misschien is er wel post voor je

Beeld: Dienst Analoge Communicatie van Maaike Ebbinge / EILANDKINDEREN | Foto: Kim Kramer

In het postkantoortje van de Dienst Analoge Communicatie kan handgeschreven post verstuurd én ontvangen worden. De Terschellinger schoolkinderen hebben samen met postchef  Maaike Ebbinge de ansichtkaarten ontworpen. De Dagkrant sprak met haar over de magie van ‘echte’ post en kunst van het wachten.

 

Hallo Maaike, je hebt samengewerkt met de schoolkinderen van Terschelling, hoe is dit tot stand gekomen?
In april ben ik bij alle Terschellinger scholen geweest, daar heb ik lesgegeven over post en beeldmaken. We hebben samen doorgeef-brieven geschreven en dat paste ook mooi in het thema van Oerol: Verbinding in beweging. Op de tafeltjes bij het kantoor zie je ook de fragmenten die ze gemaakt hebben.

Ja, ik zie het. Hier staat bijvoorbeeld: ‘Waarom heeft een cavia geen vleugels’.
Ja dat kwam uit zo’n doorgeefbrief. En we hadden opdrachten zoals ‘beschrijf wat je aan het doen bent’ en ‘schrijf een zin over wat je ziet’.

Was het idee van een brief, omdat ze er niet mee zijn opgegroeid, niet een beetje buitenaards voor deze kinderen?
Dat viel wel mee. Ze ontvangen wel kaarten van hun opa’s en oma’s op hun verjaardag en het is natuurlijk wel zo dat ze voornamelijk pakketjes krijgen met speelgoed erin. Daar zijn ze erg vertrouwd mee. Dus vond ik het juist belangrijk dat ze op een fysieke manier met het idee van post bezig waren en dat ze brieven gingen schrijven. En dat ze leren dat het schrijven van een brief iets is waar je geduld voor moet hebben omdat het langer duurt. Die vertraging is belangrijk.

En dat geldt ook voor de ontvanger van de brief.
Ja, Want dan kan je je verheugen op iets dat komt. Ik vind het heel goed dat ze dat konden ervaren.

Waar haal je inspiratie vandaan?
Ik heb de kinderen voorgelezen uit werk van Toon Tellegen, en in zijn boeken komen natuurlijk heel veel mooie brieven langs. En Voor de kleuters las ik verhalen uit Kikker en Pad van Arnold Lobel voor waar ook brieven in voorkomen.

En nu hebben de eilandkinderen voor D.A.C. hele mooie ansichtkaarten gemaakt. Wat hebben ze bij jou in de klas gedaan?
De kleintjes zijn gaan stempelen. En de oudere kinderen hebben met frottage (een wrijftechniek met potlood of waskrijt) ook ansichtkaarten gemaakt.

Dienst Analoge Communicatie van Maaike Ebbinge / EILANDKINDEREN | Foto: Kim Kramer
Beeld: Dienst Analoge Communicatie van Maaike Ebbinge / EILANDKINDEREN | Foto: Kim Kramer

En dan is het aan het Oerolpubliek om deze kaarten te schrijven en te versturen. Daarvoor moeten ze naar het D.A.C.-kantoor komen, toch?
Ja, het is een omslachtig systeem natuurlijk. Maar het is ook een antwoord op het digitale geswipe, gescroll en dat de communicatie allemaal snel moet gaan. En als je er tijd voor neemt en vertraagd, dan zul je zien dat er dan hele andere boodschappen worden overgebracht. Appjes zijn toch heel praktisch en direct. Een brief is eigenlijk iets intiemer en iets specialer.

Hoe weten mensen of er een brief voor ze klaarligt? 
Het makkelijkste is als de verzender een subtiele hint achterlaat bij de ontvanger dat er misschien wel post voor ze is. En natuurlijk is er ook de Dagkrant waarin we zo nu en dan lokroepjes zullen plaatsen met namen van mensen die nog hun post moeten ophalen.

De Dienst Analoge Communicatie vlakbij Midsland Noord (#17 op de kaart) is dagelijks te bezoeken tussen 10:00 – 16:00 uur. Wil je weten of er nog post voor je is? Vraag het bij het D.A.C.-kantoor en hou de lokroepjes in de gaten.