Moshpits in de volle zon met Mikey Martins

Voor alweer de laatste dagkrant van Oerol 2025 spreken we met directeur Mikey Martins. In de felle ochtendzon bespreken we de afgelopen dagen, zijn eerste echte editie als directeur en hoe het festival zich ontwikkelt.

Mikey Martins | Beeld: Nichon Glerum

Hi Mikey! Hoe gaat het?

Goed! Het was een geweldige week. Of eigenlijk kan ik beter spreken van een geweldig jaar. Het weer had ook niet beter kunnen zijn. Vorig jaar was het verschrikkelijk weer en was het nog steeds een geslaagd festival, maar het is gewoon heel anders als mensen zich niet in hun tent verstoppen. Het was echt geweldig.

Wat heb je deze week gedaan?

Ik heb veel rondgerend, gepraat en bekeken. We organiseerden een conferentie met meer dan honderd programmeurs van festivals en theaters van over de hele wereld, over inclusief theater en duurzaamheid. Daar ben ik veel mee bezig geweest. En ik wil natuurlijk zoveel mogelijk van het programma zien!

Wat wil je nog graag zien?

Ik ga vanmiddag naar Nynke Laverman. Daar heb ik hele goede dingen over gehoord. En ik ben nog maar naar twee van de beeldende kunstinstallaties geweest. Dus ik wil ook heel graag de rest zien. Verder wil ik Catwalk Continuum graag zien. En ook Collectief Walden, ze spelen dezelfde voorstelling als vorig jaar maar in een andere context.

Dit is je tweede editie als directeur van Oerol. Hoe voelt dat?

Ja, technisch gezien is het mijn tweede editie, maar vorig jaar kwam ik in mei, dus alles stond al in de steigers en ik was er vooral om de hele tijd vervelende vragen te stellen. Dit jaar maak ik voor het eerst echt het hele proces mee, dus dit voelt meer als de eerste keer. En dat voelt als een hele eer. Ik voel me de beheerder van dit festival, dat al 44 jaar verbazingwekkende dingen heeft gedaan. Er zijn zoveel mensen die je zijn voorgegaan, en het grappige is dat ik veel van die mensen hier op Oerol weer tegenkom. Dus je hebt altijd het gevoel dat je deel uitmaakt van een lange geschiedenis. Dat neemt ook wat druk weg: het voelt goed, omdat het niet om jou gaat. Het gaat om Oerol, om het publiek, om de vrijwilligers, om de artiesten en om het team.

Wat wilde je voor deze eerste echte editie aan het festival toevoegen?

Ik zou lagen aan Oerol willen toevoegen. Het gaat er niet om van richting te veranderen of iets radicaals te doen – voor mij is het alsof je nieuwe pagina’s aan een boek toevoegt.

Ik wil deze editie vooral gewoon meemaken en hierna kunnen we zien waar we staan. En dat gaat dan over het financiele vlak en ook over de positie van het publiek. Dan kunnen we nadenken over die nieuwe lagen, en hoe ze eruitzien.

Ik heb het idee dat Oerol nu ook al bezig is met die gelaagdheid. Niet een festivalthema, maar heel veel verschillende thema’s.

Ja, ik denk dat het belangrijk is om als festival daar de juiste balans in te vinden. We leven in een vreemde wereld en er is op dit moment veel leed in de wereld. Als het daarover gaat, volgen we bij Oerol de kunstenaars en performers. En zij weerspiegelen vaak wat er in de wereld om hen heen gebeurt. Zo kan een festival een kant op gaan die enigzins politiek aanvoelt, maar in dat proces moet je dan de balans zien te vinden en niemand vergeten. Iedereen moet op Oerol een eigen route kunnen afleggen: niet alles hoeft over zwaardere thema’s te gaan, en niet alles hoeft alleen maar leuk en vrolijk te zijn. En we zijn natuurlijk een festival, dus we hebben plezier nodig, en schoonheid, en humor.

Wat neem je mee na deze editie?

Iemand sprak me laatst aan op de veerboot. Hij zei: Mikey, zorg ervoor dat je ruimte maakt voor het eiland om iets terug te geven. Je bent altijd aan het werk. Wat hij bedoelde was: ga zwemmen. Ga wandelen in het bos. Ga gewoon in een veld staan. Ik heb geprobeerd iedere dag een manier te vinden om het eiland me iets terug te laten geven.

Is er iets dat je heeft verrast dit jaar?

Ik ben heel blij met de toevoeging van de Ruige Hoek op de Deining. Ik heb daar hilarische dingen gezien. Moshpits in de volle zon met jonge mensen, oude mensen, hippies, alles. Fantastisch.

Heb je dit jaar weer zo’n ervaring gehad die je laat nadenken over de volgende editie?

Ik denk dat we hierop voortbouwen. Ons team programmering heeft bewezen dat er ruimte is voor meer edgy toevoegingen, meer experimenteel, meer punk. Misschien is dat niet alleen op de Deining. Misschien vinden we dat ook in een schuur, of in een cafe in Midsland. Dus ik denk dat er zich daar iets interessants aan het ontwikkelen is. En meer plezier!