Hoi Sabine, wat voor Oerol heb je?
‘Een heel goede! Ik hoor zoveel positieve geluiden, mensen zijn blij, en wat zachter geloof ik. Vorig jaar veranderde er veel, een nieuw festivalhart, het publiek moest wennen, en nu lijkt alles op z’n plek te vallen. De Deining is omarmd, mensen genieten van de locatie bij het strand, het straattheater is in volle glorie terug, en we hebben voor het eerst zoiets als de ‘succesoptie’ voor voorstellingen toegevoegd, naast dat er ook op de dag zelf nog tickets te krijgen zijn voor best een aantal voorstellingen, dat werkt heel goed. Ook voor dit weekend is er nog genoeg moois op de bonnefooi te zien. Het publiek heeft optimisme meegebracht van vaste wal, zo voelt het!
‘Ik heb al heel veel fijne Oerol momenten gehad, bijvoorbeeld afgelopen zondag, bij het concert van Typhoon op de Deining. Meestal ben ik tijdens Oerol op zes plekken tegelijk, maar op dat moment kon ik alleen maar even dáár zijn, met mijn man naast me, en onze zoon op zijn nek, alleen maar dansen en dat was het. Heerlijk.’
Het tweede weekend begint vandaag. Denk je dat bezoekers die nu aankomen een andere Oerol-ervaring hebben dan de bezoekers van het eerste weekend?
‘Het tweede weekend is traditiegetrouw altijd ietsje rustiger dan het eerste, er komen vaak wat jongere mensen grappig genoeg, alsof de die hard veteranen die alles als eerste willen zien, dan al gevoed zijn. Het tweede weekend voelt wat meer ontspannen, alsof bezoekers wel kijken wat er nog op hun pad komt.’
Zou het nog kunnen dat de spelers meer zijn ingespeeld bij zo’n laatste weekend, en bezoekers dus een andere voorstelling zien dan als ze bij de première waren komen kijken?
‘In weze is elke voorstelling anders, denk ik, of je nu bij de derde of achtste voorstelling van een gezelschap komt, het hangt van zoveel factoren af, ook van het weer, bijvoorbeeld. Maar ik denk dat het ergens wel klopt: hoe verder in het speelproces, hoe meer doorontwikkeld een productie vaak is. Ik heb wel eens dat ik, voor aanvang van het festival, een try-out zie, waar echt nog veel aan moet gebeuren, en als ik dan een paar dagen na de start nog eens ga kijken, ik denk: Jezus, wat is hier gebeurd? In goede zin! Het kan soms echt hard gaan, hoe een voorstelling zich ontwikkelt en hoe het groeit, zeker op Oerol, in wat ik altijd de tussenruimte noem.’
De tussenruimte?
‘De ruimte tussen voorstellingen in, die is hier veel korter dan tijdens een theatertour, waar makers een paar voorstellingen per maand spelen, terwijl ze hier soms negen dagen achter elkaar wel twee of drie keer op het podium tussen de duinen staan. Die beperkte ruimte tussen de voorstellingen is veel voller, veel rijker. ’s Avonds kom je collega’s tegen in de Vijfpoort, in de ochtend op de fiets is er iemand uit het publiek die iets waardevols met je wil delen. Als maker word je hier continu gevoed met feedback en ideeën. Je bent hier niet aan het zenden, je springt na het applaus niet in je auto om uit beeld te verdwijnen, je begeeft je in de tussenruimte, met het eiland als decor waar al die collega’s en bezoekers ook rondwandelen die je kunnen inspireren om je project verder te ontwikkelen. Dat is echt bijzonder. Ik stimuleer makers altijd om er gebruik van te maken.
‘Ik sprak net Birgit Schuurman, ik vroeg haar of zij en haar band wel de ruimte voelen om samen te experimenteren, want ze is hier maar kort. Juist, zei ze, gelukkig. Juist omdat ze in twee dagen zeven keer spelen, voelen ze dat die snelheid en veelheid zorgen voor een speelplezier waarbij ze de vrijheid hebben om dingen uit te proberen en elkaar te verrassen op het podium. Het publiek voelt dat, dat experiment, die drift, die staan erbovenop.’
In welke zin is Oerol nog meer een plek voor ontwikkeling, buiten de tien dagen festival om?
‘Ons festival is een stevige kickstart voor veel projecten die na Oerol aan hun theatertour in de grote zalen door het land beginnen. Hier wordt de basis gelegd, daarna de wijde wereld in. En met festival Explore the North uit Leeuwarden hebben we nu een aantal jaar een fijne samenwerking. Zij programmeren dit tweede weekend van Oerol altijd voorstellingen in het West End Theater, van gezelschappen die experimenteren en hier hun eerste stappen zetten. Zij ontwikkelen tot aan het festival in november, in Leeuwarden, dan verder. Via het talentontwikkelprogramma Station Noord is kunstenaar en muzikant Michelle Samba bij ons gekomen, met haar expeditie Gateways. Met ons eigen Werkplaats-traject nodigen we beginnende makers door het jaar heen uit om een tijd op Terschelling te wonen, voor een residentie, om samen met ons iets te maken. Dat kunnen jonge mensen zijn, maar ook gevestigde makers, die voor het eerst locatietheater gaan maken.
‘Als een maker bij Oerol terechtkomt, dan is het niet vaak dat we iets ‘afs’ boeken, en het ergens neerzetten. We zijn altijd, met zowel het artistieke team als alle collega’s van productie, sparringpartner van makers. We zijn van begin tot eind betrokken, er volgen altijd meerdere locatiebezoeken om samen uit te vinden wat en waar en hoe het kan werken. Op Oerol worden dingen uitgeprobeerd, uitgevogeld en verzonnen. Het is een soort lab. Een kunstlab op eiland, waar we nooit uitgespeeld raken.’
Weten wat er op het laatste weekend van Oerol allemaal nog te zien en te doen is? Klik hier voor het blokkenschema en de beschikbare tickets.



